|
inleiding |
reisverhaal |
route |
reisinformatie en tips |
gastenboek |
menu
begin reisverhaal | vorige pagina | volgende pagina |
  | |
27 mei 2004Wat zijn de afgelopen weken snel voorbij gegaan! Vandaag, donderdag 27 mei, is alweer de dag dat we de camper moeten inleveren, snik. ’s Ochtends acht uur gaat de wekker al. Na een vlot ontbijt, beginnen we aan de laatste schoonmaakronde. Gisteren hebben we de buitenkant van de camper al geschrobd en gepoetst, dus we hoeven nu gelukkig niet veel meer te doen. Met een doekje over het keukenblok en de wastafel in de douche/toilet ruimte en het is wel goed. Nog even de vloer een laatste keer vegen en vervolgens de twee watertanks legen. Dat laatste gaat alleen niet echt soepel. Ook al komt er geen druppel meer uit de vuilwatertank, het metertje in de camper blijft zeggen dat deze nog half vol is. Arghhh! De hele vakantie werkte het metertje al niet lekker, maar nu vinden we het vervelend worden. Op het terugbrengen van de camper met (half)volle watertanks staat namelijk een aardige boete. We gooien de tank vol met schoon water en schudden de zware camper zo goed als het gaat heen en weer. Het klotst flink in de tank, hopelijk helpt het. We laten het water weglopen en controleren vervolgens weer het metertje. Gloeiende, gloeiende... nog voor een kwart vol, geeft ie aan. Nou, we laten het erbij. Het is inmiddels half tien en we willen er vandoor. In de plenzende regen rijden we van onze laatste camping in Canada weg. Helaas is het ook vandaag weer flink bewolkt en regenachtig. In een half uurtje rijden we naar Fraserway, het verhuurbedrijf. We moeten er vòòr elf uur zijn, dus we zijn ruim op tijd en hopelijk de drukte een beetje voor. Voordat we het parkeerterrein oprijden, gaan we eerst nog even bij buurman Esso langs voor het aftanken. We zetten de camper vervolgens bij Fraserway neer en lopen naar de receptie. "Zodra er iemand vrij is zal deze langskomen om de controle uit te voeren", krijgen we daar te horen. In de tussentijd kunnen we onze koffers ophalen en gaan inpakken. De koffers hadden we bij het verhuurbedrijf achtergelaten om zo niet alle weken daarmee te hoeven slepen. Alle drie onze koffers vinden we snel in de loods. In een kwartiertje pakken we de koffers weer in en zijn we klaar voor de controle. Na een paar minuten komt er iemand van Fraserway aangelopen die aangeeft dat hij ons naar het hotel in het centrum van Vancouver zal brengen. Dat is heel mooi, maar eerst moet er nog niemand langs komen voor de eindcontrole en het opnemen van de kilometerstand. Hij gaat voor ons op zoek naar iemand. Al snel komt hij terug zonder collega, maar mèt de formulieren. Hij schrijft de kilometerstand op, werpt een snelle blik de camper in en tekent, zonder in of om de camper te lopen, de formulieren af. Onze krabbel eronder en we zijn klaar met de eindcontrole. Zijn woorden "we’re pretty easy-going" kloppen wel. Mooi! Hebben we ook geen gezeur over de watertanks en het gammele metertje. Jeroen loopt met hem mee terug naar de receptie om de kilometerkosten af te rekenen en we zijn klaar om naar ons hotel gebracht te worden. Comfortabel worden we met al onze bagage naar het hotel, de Holiday Inn Hotel & Suites Vancouver Downtown, gereden. Tegen half twaalf komen we daar aan. Dankzij Jeroen z’n platina Priority Club-kaart kunnen we eerder inchecken dan gebruikelijk (early check-in). Het inchecken verloopt vlotjes en we krijgen zelfs een gratis upgrade naar een executive kamer. Toe maar... best leuk, maar het belangrijkste is dat we nu de koffers kunnen dumpen en vervolgens het centrum van Vancouver kunnen gaan verkennen. Vancouver (49°16'N 123°7'W) is de grootste stad van British Columbia en na Montréal en Toronto de grootste stad van Canada. De stad, aan drie kanten omgeven door water, heeft zo’n 560.000 inwoners, terwijl de agglomeratie waarvan het deel uitmaakt ongeveer 2,1 miljoen inwoners telt. In het noorden liggen de Coast Mountain Range waarvan de bergen meer dan 1500 meter hoog zijn en waarop je op heldere dagen een schitterend uitzicht hebt vanuit de stad. Vancouver, aan de brede Straat van Georgia (Strait of Georgia), wordt afgeschermd van de Grote Oceaan (Pacific Ocean) door Vancouver Island. De stad en het eiland zijn beide vernoemd naar de Engelse kapitein George Vancouver die dit gebied ontdekte in 1792. De familie Vancouver kwam oorspronkelijk uit Nederland en heette toen Van Coevorden. Een uurtje later lopen we door de drukke straten van Vancouver. Vanaf het hotel lopen we via Robson Street, dé straat waar alle grote en bekende designers zitten, naar Robson Square. Dit plein, vernoemd naar de 19e-eeuwse premier John Robson van British Columbia, wordt gezien als het eigenlijke hart van downtown Vancouver. Voordat we ons op de verdere bezienswaardigheden storten, zoeken we een leuk tentje op om te lunchen. We hebben inmiddels behoorlijk trek gekregen en ook begint het zachtjes te regenen. We lunchen bij Subway’s waar ze heerlijke warme en koude broodjes hebben. In een reisgids hebben we gelezen dat er een Visitor Centre zit in het havengebied bij Canada Place, dus daar gaan we eerst maar eens heen voor wat informatie en een handige plattegrond. Het is daar vrij druk, maar toch worden we al vlot geholpen. Vriendelijke en hulpvaardige mensen daar. We wandelen verder over Canada Place, dat gebouwd is ter gelegenheid van de wereldtentoonstelling van 1986. Vancouver bestond toen honderd jaar. Zo zie je maar hoe jong de steden in Noord-Amerika eigenlijk nog zijn. Volgens de reisgidsen is een bezoek aan Canada Place een must, maar wij vinden er niet veel aan, zeker niet in de regen. Bij zonnig en helder weer heb je vanaf de promenade een prachtig uitzicht over de stad, de havens met enorme cruiseschepen en de bergen aan de overkant van de baai, maar nu is het bedroevend. Canada Place, dat tegenwoordig fungeert als scheepsterminal en handels- en congrescentrum, is verder niet echt interessant, dus lopen we snel door richting Gastown. Gastown, het historische centrum van Vancouver, is een stuk interessanter dan Canada Place. We lopen deze wijk in via Waterstreet. Door de straten van kinderkopjes en de 19e-eeuwse gebouwen en gevels toont deze buurt al gelijk een stuk ouder dan de rest van Vancouver City. Jarenlang verloederde Gastown, maar inmiddels zien de Canadezen de meerwaarde van zo’n oude vestigingsplaats en zijn de straten en panden mooi gerestaureerd. In 1867 kwam de Engelse zeeman John "Gassy Jack" Deignton (1830-1875) met zijn Indiaanse vrouw en een vat whisky aan in Burrard Inlet, de baai waaraan Vancouver nu ligt. Hij vertelde de arbeiders van de plaatselijke houtzagerij dat als zij voor hem een saloon bouwde, hij hun whisky zal schenken. Binnen een dag was de saloon gebouwd en in bedrijf, als enige saloon in een straal van 12 kilometer. Vanwege het grote succes, opende hij al gauw een tweede saloon. Zijn uitgebreide en ellenlange monologen leverden John Deignton al snel de bijnaam "Gassy (breedsprakige) Jack" op. Het dorp dat rond de saloons en de houtzagerij ontstond werd Gassy Town genoemd wat later verbasterde tot Gastown. Op 1 maart 1870 werd, om het dorp een meer gedistingeerde naam te geven, Gastown officieel geproclameerd tot Granville, naar de British colonial secretary / Secretary of State for the Colonies (vertalen met "minister van koloniale zaken"???) Granville George Leveson-Gower (1815–1891). Veel zin had dit niet, want iedereen bleef het dorp Gastown noemen. Het kleine dorp kwam tot volle bloei toen in 1887 werd besloten er de transcontinentale Canadese spoorweg te laten eindigen. Tegenwoordig houd Vancouver het vroege verleden in ere met de historische wijk, nog steeds genaamd Gastown. Met zijn rood betegelde straten, gaslampen, galerieën, winkeltjes en restaurants is Gastown de meest toeristische wijk van het huidige Vancouver geworden. ![]() Op Waterstreet nummer 321 staat het in 1895 gebouwde Hudson House van de Hudson's Bay Company die het jarenlang gebruikte als pakhuis. Verderop in dezelfde straat, op de hoek met Cambie Street, komen we al snel langs de beroemde Gastown Steam Clock, ’s werelds eerste door stoom aangedreven klok. Deze is niet te missen, mede door de horde toeristen eromheen. Wij staren ook een tijdje naar de klok en wachten tot de stoomfluiten hun werk gaan doen. Elk kwartier klinkt er namelijk een fluitsignaal en zie je de stoom komen aan de bovenkant van de klok. Ja hoor, we kunnen het bevestigen, de oude stoomklok werkt nog steeds. Al lezen we op de informatie panelen dat de klok al jaren niet meer op stoom werkt. Op de hele uren 'fluit' de klok trouwens de Westminster slag, bekend van de Big Ben in Londen. ![]() We lopen weer verder langs de vele winkeltjes en restaurants en komen uit op Maple Tree Square. Op dit plein staat het bronzen, levensgrote beeld van John "Gassy Jack" Deignton. Hij staat, uiteraard, op een vat whisky. Van dit beeld, van de man waarnaar Gastown vernoemd is, moeten we natuurlijk een foto hebben. Achter het beeld staat het Byrnes Block uit 1887, één van de eerste bakstenen gebouwen van Vancouver. Hierin was heel lang het Alhambra Hotel gevestigd. Vanwege de openhaard en warmwatervoorziening in elke kamer (vandaar ook het grote aantal schoorstenen op het gebouw) was het één van de meest chique hotels van de stad. Zo... weer wat geleerd, toch? We wandelen nog wat verder door de straten van Gastown, maar wanneer het wéér begint te regenen, houden we het voor gezien. We besluiten op zoek te gaan naar een bioscoop om lekker droog te kunnen zitten en even niet te hoeven lopen. Wanneer we een bioscoop vinden, blijken er niet echt leuke films te draaien, zeker niet ’s middags op een doordeweekse dag. We kiezen voor ‘New York Minute’ met de Olsen tweeling, ja inderdaad, een tienerfilm. Je moet wat. We kopen kaartjes voor de middagvoorstelling van vijf over vijf. De film begint pas over een uur, dus duiken we een overdekt winkelcentrum in. Een paar minuten voordat de film begint, lopen we weer terug naar de bioscoop. We halen ieder een enorme bak popcorn en literbeker frisdrank... zoals schijnt te horen in Noord-Amerika. We doen graag mee, haha. Wanneer we de zaal inlopen, zien we dat we de enige bezoekers zijn. We hadden niet verwacht dat het druk zou zijn bij een tienerfilm op de donderdagmiddag, maar dit is absurd. De zaal heeft zeker tweehonderd zitplaatsen, waarvan er nu dus welgeteld twee bezet zijn. ![]() Tien minuten nadat de film begonnen is, komen er ineens toch nog twee bezoekers binnen gelopen. Wow, een verdubbeling van de kaartverkoop! Na een paar reclameboodschappen en 91 minuten speelfilm kunnen we zeggen dat dit voor een regenachtige donderdagmiddag best een aardige film is. Erg relaxed, want je hoeft er absoluut niet bij na te denken... en laat dat nou precies zijn wat we zochten. Wanneer we weer buiten staan, regent het nog steeds. We duiken dus maar wéér de overdekte winkelcentra in en vermaken ons met shoppen. De winkels zijn vandaag tot 21.00 uur open, dus we hebben nog alle tijd. Jeroen koopt een set van twee mooie Tommy Hillfiger overhemden en een stropdas voor een spotprijs, vergeleken bij Nederland dan. In een andere winkel koopt hij er nog een overhemd bij en score ik twee leuke T-shirts. Echte merkkleding is hier veelal wat goedkoper dan in Nederland, met name geldt dat voor overhemden, spijkerbroeken en sportschoenen. Ik zoek nog steeds een spijkerbroek, maar dat wil niet echt lukken. Langzaam word ik helemaal gek van de verschillende maatsystemen. Elke winkel lijkt wel een eigen systeem te hebben. In de ene winkel is maat 12 goed, in de andere blijkt maat 6 de juiste maat te zijn. Zeg ik tegen een volgende verkoopster een spijkerbroek maat 6 te zoeken, kijkt ze me minachtend aan en zegt "Well, I think a size 8 is more suitable for you." Arghhh, wat willen ze hiermee bereiken???? Geen spijkerbroek gekocht dus. Terwijl we tegen tien uur over Robson Street teruglopen naar het hotel beginnen we nu toch wel wat trek te krijgen. De bak popcorn om vijf uur was toch niet genoeg als vervanging van het avondeten, haha. We maken dus maar even een pitstop bij de MacDonalds voor een "voedzame maaltijd" waarna we alsnog naar het hotel lopen. We zijn blij wanneer we er zijn. Ai, wat een vermoeide voeten. Leuke stad hoor, maar je loopt zo wat af. Het is tijd voor een lekker warm en ontspannend bad met een tijdschrift en wat te drinken erbij. Morgen weer een dag...
|
||
|
begin reisverhaal | vorige pagina | volgende pagina |