inleiding | reisverhaal | route | reisinformatie en tips | gastenboek | menu
begin reisverhaalvorige paginavolgende pagina

 

10 mei 2004

Het is pas zeven uur wanneer we uit bed stappen. Brr, koud vandaag. Vannacht hebben we ook onder twee dekbedden geslapen. Snel vogelen we uit hoe de kachel werkt en binnen een paar minuten is het gelukkig wat aangenamer in de camper. Het weer ziet er erg grauw uit. De bewolking hangt zo laag dat we de rockies, waar we vanuit de camper uitzicht op hebben, niet eens meer kunnen zien.

kudde bizons

Het is half negen wanneer we Crooked Creek Campground verlaten en over highway 5 richting Mountain View en Cardston rijden. Op bijna dezelfde plek als gisteren zien we weer de kudde bizons. Alleen staan ze nu vl dichter bij, dus hup, de camper aan de kant van de weg. We lopen tot aan het hek naar ze toe. De bizons staan zo'n tien meter van ons vandaan. Wat een enorm grote beesten en niet moeders mooiste overigens. We nemen wat foto's en gaan daarna weer verder. Het platte en droge prairie landschap, waar we nu doorheen rijden, staat in schril contrast met de grillige bergen en velen meren van Waterton Lakes National Park van de afgelopen paar dagen. Ook geen herten meer, wl veel koeien en paarden. Om de paar kilometer rijden we langs een veefokkerij (ranch) of een dorp niet groter dan twintig huizen. Verder is het landschap redelijk saai. Maar wanneer na een klein uurtje rijden de zon doorbreekt, zien de prairies er gelijk een stuk mooier uit.

Het is tien uur wanneer we, via Cardston, aankomen in het plaatsje Fort Macleod. We parkeren de camper om dit dorp te voet te verkennen. We lopen over de Historic Main Street, maar het doet ons allemaal erg nieuw aan. Waarschijnlijk is deze straat pas helemaal opgelapt. Jammer ook dat het op maandagochtend tien uur zo ongeveer uitgestorven is op straat. Het is hier vast gezelliger wanneer er wat meer mensen op straat zijn. Bij een koffiehuisje, dat erg Amerikaans aandoet met z'n donkerbruine, eenvoudige tafels en stoelen en rood/wit geblokte gordijntjes, gaan we naar binnen. Aan de toonbank bestellen we koffie, thee en ieder een muffin (oftewel twee maal de coffee special, die blijkbaar ook voor thee geldt) wat we vervolgens op een dienblad aangereikt krijgen. Er zijn hier veel oudere mensen die elkaar zo ongeveer allemaal kennen. Best wel druk eigenlijk voor een maandagochtend. We kunnen in ieder geval leuk mensen kijken en meeluisteren met gesprekken. Na een tijdje komt de serveerster langs om koffie en thee bij te schenken. Dit blijkt niets te kosten. Ze vraagt ons waar we vandaan komen, als enige jonge koppel hier vallen we blijkbaar nogal op. Zelf komt ze uit Polen, is ze getrouwd met een Nederlander en runt ze een Amerikaans koffiehuis in Canada. Juist, ja.

Een uurtje later zitten we weer in de camper. Het fort waarin het Royal Canadian Mounted Police Museum gevestigd is, slaan we over, want forten hebben wel even genoeg gezien. We rijden door naar Head-Smashed-In-Buffalo-Jump dat ongeveer vijfentwintig kilometer van Fort Macleod ligt. Onderweg komen we nog twee keer langs een grote groep bizons.

de afgrond van de buffalo jump

Rond half twaalf rijden we het parkeerterrein op van de Head-Smashed-In Buffalo Jump Interpretive Centre. Eenmaal binnen nemen we de lift naar de bovenste etage waar we naar buiten geleid worden naar de plaats waar de bizons van de afgrond stortte vroeger. Vanaf het platform hebben we een mooi uitzicht over de Porcupine Hills en de uitgestrekte prairie. Inmiddels hebben we een strakblauwe lucht boven ons, dus het is heerlijk weer om hier buiten te staan en in de verte te turen. Daarna lopen we in het museum langs de expositieruimten die verdeeld zijn over drie etages en kijken we naar enkele korte films die de geschiedenis van de indianen en deze streek weergeven. Erg interessant, deze andere kant van de geschiedenis. In twee uurtjes hebben we alles gezien en lopen we weer terug naar de camper.

We volgen Highway 22 (de Cowboy Trail) naar het noorden richting Calgary. Het valt al snel op dat dit gebied ontzettend dunbevolkt is. We rijden zo'n honderd kilometer over een nagenoeg rechte weg zonder door of langs een dorp te komen. Ook hebben we al zeker een uur geen ontvangst meer op de radio! De lucht wordt intussen steeds donkerder en dreigender tot er geen houden meer aan is en de regen neerstort. Het regent niet alleen... het plenst! De muziek, uit de CD-speler dus, horen we niet meer boven het gekletter op het dak van de camper uit. En de lucht zag er vanmorgen bij de Buffalo Jump nog zo schitterend blauw uit.

Ter hoogte van Calgary verlaten we de Cowboy Trail en pakken we Highway 1 (Trans Canada Highway) naar Banff. Nog voordat we bij Canmore zijn, zien we links en rechts in de berm sneeuw liggen. Het kan dus nog wel eens erg koud worden in Banff vanavond. Jammer genoeg zien we niets van de ongetwijfeld mooie bergtoppen door de laaghangende bewolking. Zo rijden we tegen het einde van de dag Banff National Park in, het eerste en misschien ook wel bekendste nationale park van Canada.

In Banff National Park rijden we gelijk naar Tunnel Mountain Campground Village II. Onderweg zien we een erg groot hert in de bossen en dit is ook gelijk het enige wild dat we vandaag zien.


Aantal gereden kilometers vandaag:  540 km

route 10 mei

begin reisverhaalvorige paginavolgende pagina