inleiding | reisverhaal | route | reisinformatie en tips | gastenboek | menu
begin reisverhaalvorige paginavolgende pagina

 

8 mei 2004

Turtle Mountain en het resultaat van de steenlawine

Vandaag gaan we naar Frank Slide Interpretive Centre in Frank. Dit kleine mijnwerkersplaatsje werd in 1903 overvallen door een lawine van stenen en rotsen. Deze gebeurtenis en de gevolgen ervan wordt tentoongesteld in een museum. Het museum gaat pas om tien uur open en Frank ligt hier maar een paar minuten rijden vandaan, dus we doen deze ochtend rustig aan. Terwijl we aan het ontbijt zitten, genieten we van het heerlijke zonnetje.

Tien voor tien rijden we van de camping af en precies tien uur komen we aan op de nu nog lege parkeerplaats van het Frank Slide Interpretive Centre. We zijn vandaag duidelijk de eerste bezoekers. De caissière vertelt dat er om half elf een diafilm getoond wordt, dus gaan we eerst een deel van de expositie bekijken. Het mijnwerkersleven in Frank en omgeving wordt met veel foto's en filmfragmenten op een boeiende manier weergegeven. Dan lopen we door naar het theater voor de twintig minuut durende diafilm genaamd "In the Mountain's Shadow" over het mijnwerkersbestaan in de Crowsnest Pass. We hebben de zaal weer eens voor ons zelf, dus pakken we de mooiste plaatsen. Met negen projectoren hebben ze er een leuke diafilm van gemaakt die goed in elkaar zit. Aansluitend zien we ook een 47 minuut durende film, genaamd "On the Edge of Destruction - The Story of the Frank Slide", over de lawine van 1903. Deze film is hier in 2003 voor het eerst getoond omdat het toen 100 jaar geleden was dat Turtle Mountain deels instortte. Een hele goede en boeiende film. Het leven voor, tijdens en na de lawine wordt erin nagespeeld en het bevat een computer animatie van de lawine. Dit museum is zeker een aanrader! Nadat we de rest van de exposities bekeken hebben, lopen we naar buiten. Rondom het museum is een voetpad waarvandaan we mooie uitzichten hebben over de berg en rotspuin van Franks' Slide en de verdere omgeving.

Op 29 april 1903 om 10 over 4 in de 's nachts stortte 82 miljoen ton kalksteen naar beneden van de Turtle Mountain. Een groot deel van het mijnwerkersplaatsje Frank werd begraven onder het puin. In amper 100 seconden werd drie vierkantenkilometer bedekt met een laag steen, die je er nu vanaf het pad rond de Frank Slide Interpretive Centre nog steeds kan zien. In het Interpretive Centre is een verscheidenheid aan presentaties, exposities en films te zien over de 1903 Frank Slide (steenlawine), de Canadian Pacific Railway, de vestiging van Europese immigranten, werken in ondergrondse kolenmijnen en het leven in een mijnwerkersdorp.

Wanneer we weer naar de camper lopen, voelen we wat spatjes regen, maar gelukkig rijden we al snel van de bui af en na enkele kilometers zijn de grijze wolken weer uit het zicht. Even later stoppen we bij de Lundbreck Falls voor de lunch. Vanaf de parkeerplaats hebben we zicht op de drie watervallen van de Crowsnest River die een verval van zo'n twaalf meter hebben. Voordat we weer verder rijden, lopen we eerst naar de waterval toe om wat foto's te maken. Onderaan de waterval is het maar een natte bedoening vanwege het opspattende water. Wel leuk om een waterval zo eens van verschillende kanten te bekijken.

Een klein uurtje later zitten we weer op de weg en zijn we op pad naar Waterton Lakes National Park. Het prairie landschap waar we nu doorheen rijden is, met de Rocky Mountains op de achtergrond, werkelijk prachtig. De laatste 75 kilometer naar Waterton waait het wel ontzettend hard. Jeroen kweekt spierballen met het op de weg houden van de camper.

uitzicht Waterton Lakes National Park

Net na drie uur komen we aan in Waterton Lakes National Park. We nemen de eerste zijweg rechtsaf richting Buffalo Paddock. Daar loopt binnen een omheind gebied van een paar vierkantenkilometer een groep bizons rond. Onderweg daar heen komen we langs een uitzichtpunt. We parkeren de camper en stappen uit om eens rond te kijken. Eerste waarneming: het waait hier nog net zo hard, zo mogelijk zelfs harder. Tegen de wind in lopen we een heuveltje op naar het uitzichtpunt. Een foto nemen van het landschap valt niet mee, want de camera is nauwelijks stil te houden. Mooi is het er wel. We hebben het er gauw gezien en laten ons terug naar de camper blazen. We stappen weer in en rijden over een hobbelige weg door naar de Buffalo Paddock. Bij het toegangshek stoppen we en stap ik uit om het hek open te doen. Nee hè, hek op slot. Jammer hoor. Bij het bezoekerscentrum maar eens vragen wanneer de Buffalo Paddock open is. Terwijl we op de smalle weg de camper keren, zien we een grondeekhoorn. En daar nog één... en nog één. Binnen de kortste keren zien we idioot veel van die kleine beestjes en geven we het tellen maar op.

Eenmaal terug op de hoofdweg rijden we naar het bezoekerscentrum. Bij de toegangspoort tonen we onze parkpas en daarmee mogen we gelijk doorrijden. Ideaal! Wanneer we bij het bezoekerscentrum aankomen, zien we dat deze ook gesloten is. Juist, voorseizoen, ja. Op een informatie bord staat wel wat informatie over campings (o.a. welke nog gesloten zijn) en het weerbericht (ziet er dus niet zo best uit). Als eerste maar eens een camping opzoeken. Hiervoor rijden we naar het kleine dorp dat midden in het park ligt. Daar is een camping, maar die is behoorlijk prijzig. We besluiten de campings net buiten het nationale park eerst te proberen. Op nog geen vijf minuten rijden van het park vinden we een goede camping en we besluiten er gelijk twee nachten te blijven. De campingbeheerder vertelt enthousiast over het wildlife dat hier in en rond het park zit. En daar kwamen we nou net voor. Hij vertelt erbij dat je daarvoor het beste vanaf half zeven op pad kan gaan. Het is inmiddels al half zes, dus we zoeken ons plekje op en gaan gelijk beginnen aan het avondeten.

onze eerste zwarte beer

Een uurtje later zitten we weer achter het stuur op weg het nationale park in. We scannen het landschap op alles dat beweegt. Camera's liggen voor het grijpen. Na een half uurtje zien we wat bewegen aan de overkant van een meertje. Met de verrekijker erbij zien we groep herten of elanden. Leuk, maar wel wat ver weg. We rijden weer verder. De lucht boven de bergen die voor ons liggen ziet er dreigend uit, maar wij rijden nog in het zonnetje. Het weer is hier nog wisselvalliger dan in Nederland. We pakken de zijweg die naar de Red Canyon lijdt. Weinig auto's op de weg en de zon die bijna verdwijnt achter de bergen, dus er moet nu toch wel wildlife te zien zijn. Dan ziet Jeroen iets bewegen tussen de bomen in een klein dal langs de weg. Hij zet de camper aan de kant van de weg en we stappen snel uit. En... jawel, onze eerste beer. Wow! Binnen twee seconden staat ie op de foto. Mmm, bewogen, maar herkenbaar, dus bewijs. Het is een kleine bruingekleurde zwarte beer van, we schatten, zo'n drie jaar oud. Hij snuffelt rustig om zich heen op zoek naar datgene wat jonge zwarte beren eten. Prachtig! Zo af en toe draait hij de kop in onze richting. We nemen alle tijd om de beer te fotograferen en te filmen.

zwarte beer in een boom

Dan... neemt hij twee grote sprongen en sprint een boom in. We staan vol verbazing te kijken. We weten wel dat ze het kunnen, maar het ze zien doen is toch een heel ander verhaal. Een paar tellen later zit hij al op een paar meter hoogte en klimt hij een tak op. Daar gaat ie rustig zitten snuffelen en knabbelen aan de blaadjes. Dit is meer dan prachtig! Na een tijdje komt de beer achterstevoren de boom uit en gaat verder met het verkennen van de bosjes.

Wanneer we, na een klein half uurtje, de camper instappen om weg te rijden zien we ineens nog een tweede beer. Deze zit op zo'n zeven meter hoogte in een boom te slapen. Zonder een meter gereden te hebben, stappen we de camper weer uit om met de verrekijker de beer beter te bekijken. Het is toch echt een beer. Jeroen begint ook deze beer te filmen, maar slapende beren bewegen niet veel en zijn dus wat minder interessant op film. Even een beetje stampen in de bosjes en ja hoor... de beer kijkt op. Dat doet het beter op film. We blijven nog eventjes kijken en gaan dan toch weer verder de Red Rock Parkway op. We komen op deze weg verder geen wildlife meer tegen, dus keren we de camper om en gaan we weer terug naar de camping. Wanneer we weer op de hoofdweg zitten, spingt het wildlife ons werkelijk om de oren. We zien een hert met jong, twee groepen herten en... nog een beer. Deze grotere zwarte beer struint op zo'n 75 meter afstand langs een rand lage berkenboompjes in een dal langs de weg. Vanuit de auto zetten we de beer op film. Drie beren op één avond! Wij blij dat we er nog op uit zijn gegaan.

Eenmaal terug op de camping waarschuwt de beheerder ons nog voor drie grizzly beren die hier een halve kilometer vandaan gezien zijn. Snel loopt hij weer verder om ook de vier mensen die met tentjes hier kamperen te waarschuwen en te adviseren het vuur goed hoog te houden. Wij zijn even erg blij dat we in een camper slapen.

Terwijl we later in bed liggen, horen we de wind nog flink tekeer gaan. Het raampje in het dak van de camper houden we vanavond maar dicht. In de loop van de nacht gaat de wind gelukkig weer liggen en ook qua beren blijft het rustig.


Aantal gereden kilometers vandaag:  187 km

route 8 mei

begin reisverhaalvorige paginavolgende pagina