|
inleiding |
reisverhaal |
route |
reisinformatie en tips |
gastenboek |
menu
begin reisverhaal | vorige pagina | volgende pagina |
  | |
30 april 2004Vrijdag 30 april. Het is zover... we gaan naar Hot Springs Cove in Maquinna Provincial Marine Park. Het is pas half zeven als we ons bed uitstappen. Voor vandaag is er prachtig weer voorspeld en er is inderdaad geen wolkje te bekennen. De zon komt net boven de bergen uit. We ontbijten en maken ook gelijk een lunchpakket. Vervolgens pakken we een rugzak in met het lunchpakket, wat te drinken, zwemkleding en handdoeken. Foto- en video apparatuur gaan uiteraard ook mee. Tegen acht uur rijden we van de camping af naar Jamie's Whaling Station en een half uurtje later lopen we al de boot genaamd 'Sharp Point' op. Daar blijken we, naast de kapitein, de enige aan boord te zijn deze ochtend. ![]() Al na een paar minuten varen legt de kapitein de boot stil, want langs de waterkant is hoog in een boom een adelaarsnest te zien. Het is even turen in de zon, maar dan zien we ook de adelaar (bald eagle) zitten. Dit uitje begint al goed. Terwijl we weer verder varen zien we nog tot twee keer toe een adelaar hoog in de bomen zitten. Daarna varen we meer van de kust af het open water op. ![]() Na en tijdje gevaren te hebben, legt de kapitein de boot weer stil. Hij ziet een groepje zeeleeuwen die op een afstand met ons mee aan het zwemmen zijn. Hier staan we wel even een tijdje naar te kijken. Bijzondere dieren in een prachtige omgeving. Even later zien we nog een groepje zeeleeuwen. Deze zijn in het water aan het rusten. De vinnen gaan dan de lucht in, zodat ze stabiel kunnen liggen. Erg grappig om te zien. Na in totaal een uurtje varen bereiken we de Openit Peninsula en zien we de warmwaterbronnen van Hot Springs Cove liggen. Nog een klein stukje varen en dan leggen we aan bij de steiger. Hier nemen we afscheid van de kapitein. Hij vaart weer terug naar Tofino, terwijl wij verder op pad gaan naar de bronnen. Hiervoor moeten we ongeveer twee kilometer lopen over een boardwalk. Na ongeveer een half uurtje lopen, komt de zwavelgeur ons tegemoet. Die geur komt een beetje overeen met rotte eiren, niet echt prettig dus. Wanneer we bij de bronnen aankomen, blijken we ook hier de enige te zijn. Heerlijk! Van horen zeggen weten we dat het hier hartstikke druk kan zijn, dus we hebben mazzel. De zwavelgeur is hier gelukkig ook een stuk minder. We klauteren een beetje over de rotsen, maken wat foto's en genieten van het uitzicht. Dan kleden we ons om en wagen we ons in de warmwaterbronnen. De bronnen bestaan uit drie poelen, waarvan de warmste 51° Celsius is. We liggen lekker relaxed met z'n tweetjes in de bronnen, uitkijkend op de rotsen en de Pacific met een watervalletje op de achtergrond en een zonnetje boven ons hoofd. Kan het beter?
Anderhalf uur later moeten we ons al weer klaarmaken voor de tocht terug naar de steiger, want om één uur komt een watervliegtuig ons ophalen. Ruim op tijd komen we aan op de afgesproken plaats. Vanaf de steiger staan we een beetje het water in te turen wachtend op ons vliegtuigje. Dan ontdekken we in het water zeesterren van wel vijftig centimeter groot. Vanaf de steiger zien we er zes liggen. Plots trekt het geluid van een vliegtuig onze aandacht. De landing kunnen we mooi volgen. Heel gaaf gezicht. Zodra het vliegtuig geland is, manouvreert de piloot het vliegtuig naar de steiger toe en we kunnen instappen. ![]() Dit is voor ons allebei de eerste keer dat we in een watervliegtuig gaan vliegen. Jeroen gaat voorin zitten om te kunnen filmen en ik zit achter hem. Voordat we vertrekken worden de veiligheidsvoorschriften nog even doorgenomen: links en rechts zitten de nooduitgangen, hier vind je de reddingsvesten en zo werken ze. Inderdaad ja, 'just like in a real airplane'. Het opstijgen gaat, boven verwachting, heel soepel. Eenmaal in de lucht is het uitzicht op de ruwe kustlijn geweldig. We kunnen vanuit de lucht geen walvissen ontdekken, wel een groepje zeeleeuwen. De vlucht is super, maar is helaas ook weer snel voorbij. Het is alweer half drie wanneer we in Tofino landen. Vanaf de landingsplaats moeten we naar de andere kant van het dorp lopen om bij de camper te komen. Zo zien we gelijk wat meer van het dorp en we komen al snel tot de conclusie dat er verder niet veel boeiends is. We stappen de camper weer in en gaan op zoek naar een supermarkt. Het weer is nog steeds geweldig, dus we besluiten vanavond te gaan BBQ'en. Na de boodschappen rijden we naar Radar Hill dat een klein kwartier rijden buiten Tofino ligt. Op deze heuvel stond een radarinstallatie ten tijde van de tweede wereldoorlog. Helaas voor Jeroen is weinig van die installatie terug te vinden, maar je hebt er wel een mooi uitzicht over de omgeving. Half niet zo spectaculair als vanuit de lucht, maar we zijn nu ook wel een beetje verwend, denk ik. ![]() We rijden door naar Schooner Cover. Een trail van anderhalve kilometer lijd ons naar Combers Beach. Het is nog eb als we het strand oplopen. We lopen naar de branding en vinden tussen de rotsen enorm veel zeesterren en -anemonen in verschillende maten en kleuren. Zo bijzonder! In een vierkante meter liggen soms wel zo'n vijftig zeesterren, allemaal tussen de tien en dertig centimeter groot. We klauteren hier een tijdje over de rotsen tot de zee ons terug begint te dringen. Dan beginnen we aan de wandeling terug. De vermoeidheid komt nu wel naar boven en we zijn blij als we weer in de camper zitten. Terug op de camping beginnen we gelijk aan de BBQ. Jeroen haalt de bijl uit de camper (hoort gelukkig bij de standaard uitrusting) en begint de grote blokken hout, die we net bij de receptie van de camping gekocht hebben, in kleinere stukken te hakken. Hier komt zijn scouting verleden goed tot z'n recht! Binnen no-time brand er een mooi vuur. We prikken wat vlees aan een lange spies en gaan er eens rustig voor zitten. Heel gezellig zo en een beste afsluiting van een absolute top-dag. Daarna vroeg naar bed, want we zijn gebroken van de vele indrukken van vandaag.
|
||
|
begin reisverhaal | vorige pagina | volgende pagina |